|
RESULTATEN VAN HET CENTRUM VOOR BRACHYTHERAPIE IN DEVENTER
Prostaatkanker wordt niet alleen behandeld via een operatie. Zeer regelmatig en zeer succesvol wordt gebruik gemaakt van Brachytherapie oftewel inwendige bestraling. De straling wordt heel dicht in en rondom de prostaat geplaatst. De bestraling komt dus precies waar dat nodig is en het omringende weefsel wordt gespaard.
De ervaring en het onderzoek tonen aan dat brachytherapie een uitstekend alternatief is voor een operatie waarbij de hele prostaat wordt verwijderd (een radicale prostatectomie). De genezingskansen zijn bij brachytherapie gelijk of groter en infecties of andere complicaties na de operatie komen bij brachytherapie veel minder vaak voor.
Gedurende de afgelopen 10 jaar hebben de specialisten van het radiotherapeutisch centrum in Deventer (waaronder Jos J. Immerzeel, radiotherapeut-oncoloog) meer dan 1.500 patienten behandeld. Inmiddels vinden er daar ruim 200 behandelingen per jaar plaats. Wij zijn er trots op dat onze resultaten zich kunnen meten met die van de beste instituten.
- Zeer korte opnameduur
- Uitgebreide kwaliteitscontrole
- Genezingskans van meer dan 90%
- Weinig voorkomen van incontinentie (niet kunnen ophouden van de plas)
- Weinig voorkomen van erectiestoornissen
Opnameduur
DDe opnameduur voor een operatie waarbij de prostaat wordt verwijderd is tussen de 5 en 10 dagen. Bij brachytherapie is dit doorgaans 1-2 dagen, de patiënt blijft meestal een nacht in het ziekenhuis.
Bij het Deventer Ziekenhuis is er echter altijd sprake van een dagopname en kunt u dezelfde dag weer naar huis
Kwaliteitscontrole
Direct na de ingreep op de operatiekamer wordt een zogenaamde CT-scan gemaakt. Hierbij wordt zichtbaar hoe de verdeling van de stralingsdosis in de prostaat is. Waar nodig kan de verdeling worden verbeterd door zaadjes bij te plaatsen. Wanneer de stralingsdosis niet goed is verdeeld kan dit plasproblemen veroorzaken. Een te lage dosis in (delen van) de prostaat verhoogt de kans op het terugkeren van de kanker (recidief).
Wij hechten verder grote waarde aan het volgen van haar patiënten: alle patiënten ontvangen jaarlijks 1-2x een uitgebreide, schriftelijke vragenlijst waarmee het ziekteverloop of klachten worden gevolgd.
Kans op genezing
De behandelcijfers van het centrum tonen een grote overlevingskans met de inzet van brachytherapie.
- In de laag-risicogroep (met kleine kans op tumor buiten de prostaat) is na 5 jaar 94% van de patiënten ziektevrij na de inzet van brachytherapie (onderzoeken in literatuur: 87-98%)
- In de hogere risicogroepen (met grotere kans op uitbreiding buiten de prostaat) is na 5 jaar 90% van de patiënten ziektevrij na de inzet van brachytherapie +/- uitwendige radiotherapie(onderzoeken in literatuur: 70-96%)
NB: bovenstaande 5-jaars resultaten gaan vooral over de patiënten die al een aantal jaren geleden behandeld zijn. Met de komst van de CT-scanner op de OK na 2006 en de toegenomen ervaring van de behandelaars is te verwachten dat de resultaten bij een latere analyse verder verbeteren.
Plasproblemen
Na een operatie waarbij de prostaat wordt verwijderd (radicale prostatectomie) kunnen plasproblemen optreden. Dat komt omdat bij de operatie de plasbuis wordt onderbroken en weer aan elkaar moet worden gehecht. Problemen die zich dan kunnen voordoen zijn moeite met het ophouden van de urine (incontinentie) of juist moeite met het uitplassen van urine (urineretentie).
Bij de inzet van brachytherapie zijn deze problemen er veel minder.
- Incontinentie
Na een prostaatverwijdering treedt in ongeveer 10-20% van de gevallen een vorm van incontinentie op (ongewild urineverlies). Na brachytherapie komt eigenlijk nauwelijks incontinentie voor. Wanneer er later alsnog operatief ingrijpen nodig is (bijvoorbeeld een TURP, het inwendig wegschrapen van de prostaat), dan is de kans op incontinentie echter wel groot.
- Urineretentie
Uit onderzoek blijkt dat in 5-15% van de gevallen urineretentie (het achterblijven van urine in de blaas) optreedt na brachytherapie. Hiervoor is dan tijdelijk (1-6 maanden) een catheter noodzakelijk. De cijfers van De ProstaatKliniek tonen een belangrijke verbetering bij het optreden van plasproblemen, met name sinds het plaatsen van een CT-scan op de operatiekamer. Sinds september 2006 komt urineretentie slechts voor bij 0,8% van de patiënten die brachytherapie hebben ondergaan. Een opzienbarende verbetering ten opzichte van de cijfers die in de literatuur worden genoemd.
| Urineretentie |
| |
De ProstaatKliniek |
Literatuur |
| < 3 dagen |
0,8% |
5-15% |
| 3-90 dagen |
0,6% |
|
Erectiestoornissen (seksuele dysfunctie)
Bij een radicale prostatectomie is de kans op erectiestoornissen zeer groot. Dit komt doordat bloedvaten en zenuwen worden beschadigd of doorgesneden tijdens de operatie. Met nieuwe zenuwsparende operatietechnieken is het behoud van de erectiefunctie beter. Maar omdat dan vaak niet het gehele prostaatkapsel (radicaal) wordt verwijderd, is de kans op achterblijven van tumorcellen vergroot. Omdat in die gevallen alsnog radiotherapie nodig is, is de kans op bijwerkingen groter, door de combinatie van behandelingen.
Erectiestoornissen komen na de inzet van brachytherapie minder vaak voor dan na een radicale prostatectomie. De literatuur toont cijfers tussen de 25 en 60%. Omdat de prostaat behouden blijft, is de kans op het intact blijven van seksuele functies bij brachytherapie groter dan bij een operatie waarbij de prostaat wordt verwijderd.
Onze resultaten bij de patiënten die met brachytherapie zijn behandeld zijn gunstig: wanneer er voorafgaand aan de brachytherapie geen erectiestoornissen zijn, dan scoort na 1 jaar nog 67% van de patiënten hetzelfde op de seksuele functiescore als daarvoor. Na 5 jaar is dit ongeveer 50%, mogelijk speelt de dan hogere leeftijd een rol.
|